Het kabinetsplan voor de toekomst van de publieke omroep wordt niet gedragen door de opvattingen van de bevolking. Een grote meerderheid is tegen de belangrijkste regeringsvoorstellen.
Dat blijkt uit een onderzoek van Maurice de Hond in opdracht van de VARA onder 1500 Nederlanders.
Lees verder >>
De uitkomsten van het onderzoek:
49% Wil dat de omroepen meer gaan samenwerken dan op dit moment gebeurt en 40% geeft aan dat men de huidige situatie wil handhaven. 6% Is ervoor dat de samenwerking gestopt wordt.
Hierbij zien we amper verschillen tussen degenen die lid zijn van een omroep of niet. Bij de leden van de omroeporganisaties zien we geen duidelijke patronen. Bij de leden van de KRO zijn de meeste mensen voor het handhaven van de huidige samenwerking (62%). Daar wil 30% meer samenwerking. Bij de leden van de AVRO en de NCRV is de grootste groep voorstanders van meer samenwerking te vinden (59%).
13% geeft aan het een goed idee van het kabinet te vinden om de samenwerking van de omroepen op te laten houden en de omroepen onderling te laten concurreren. 78% Vindt het geen goed voorstel.
Ook hier zien we geen verschil tussen leden en niet-leden van omroepen. Bij de leden van KRO en NCRV zien we de meeste mensen die het wel een goed voorstel vinden. Maar ook daar is het aandeel dat het geen goed voorstel vindt veel groter.
63% Denkt dat de regeringspartijen in meerderheid uiteindelijk af willen van de omroepen. 19% Denkt dat dit niet zo is.
Onder leden van omroeporganisaties zijn er meer mensen die denken dat de regeringspartijen van omroepen af willen (69%) dan onder niet-leden (57%).
Leden van NCRV, TROS en VARA denken voor meer dan 75% dat de partijen erop uit zijn om van de omroeporganisaties af te komen. Bij leden van de KRO denkt ongeveer een kwart dat het niet het geval is.
82% Vindt dat publieke omroepen wel amusement moeten blijven uitzenden en 14% niet. 80 % Vindt dat de omroepen dat zelf zouden moeten kunnen bepalen.
10% Vindt dat de publieke omroepen zouden moeten worden opgeheven, 86% vindt dat niet.
73% Is voor het laten voortbestaan van de 3 publieke netten. 22% Vindt dat dit niet hoeft.
9% Van de Nederlanders is ervoor dat programmabeleid meer een zaak zou moeten worden van de politiek. En ook hier zijn de verschillen naar omroeporganisatie vrij klein.
Als de publieke omroepen worden vergeleken met de commerciële omroepen dan is er nog duidelijk plaats voor de publieke omroep. 65% Denkt dat de normen en waarden in ons land beter tot uitdrukking komen bij de publieke omroepen dan bij de commerciële omroepen. 25% Geeft aan dat het bij beide in even grote mate geschiedt en 3% bij de commerciële omroepen.
Bij belangrijke gebeurtenissen is de publieke omroep het plek waar de meeste mensen het liefst naartoe gaan. 67% Is het met de stelling eens “bij belangrijke gebeurtenissen kijk ik liever naar de publieke omroep dan naar de commerciële omroepen”. 11% Is het hiermee oneens.
11% Zegt vertrouwen te hebben in het mediabeleid van het kabinet, 78% heeft dat niet. De KRO-leden zeggen bijna voor een kwart vertrouwen te hebben en voor ongeveer tweederde niet.
23% Is voor het plan om de verdeling van de zendtijd te laten geschieden via omroepverkiezingen, 66% is er tegen. Niet-leden zijn voor 20% voor dit plan en leden van omroeporganisaties voor 26%.
Er is wel een groot verschil naar leden van omroeporganisaties. Leden van de NCRV zijn voor 52% voor. Leden van AVRO, VARA en VPRO zijn het meest tegen (ruim 70%).
Als er echter wel een omroepverkiezing gehouden zou worden dan eindigt de VARA op de eerste plaats (33% als er 2 stemmen mogen uitgebracht worden). VPRO en BNN staan op de plaatsen 2 en 3. Van de grote omroepen staan NCRV, KRO, TROS en AVRO ieder op ongeveer 15%. (View/Ture / Medialog)
vrijdag 30 september 2005, 19:40
Geef je reactie